Lokaal Bestuur Meerhout geeft een negatief advies over het GRUP Leidingstraat Antwerpen- Ruhr, lees de volledige onderbouwing van het college van burgemeester en schepenen op onze website

  • Posted on: 29 April 2021
  • By: CD Meerhout

Het college van burgemeester en schepenen geeft volgend negatief advies over de startnota van het

GRUP Leidingstraat Antwerpen - Ruhr:

Lokaal Bestuur Meerhout wenst te benadrukken dat elk van de voorgestelde tracés een (te)

grote impact heeft op de omgeving, zowel op ruimtelijk, ecologisch als maatschappelijk gebied.

Hoewel er heel wat studies werden uitgevoerd in de voorbije jaren, stellen we ons nog steeds

de vraag of alle alternatieven volledig en voldoende onderzocht werden om een ingrijpend

tracé zoals nu voorligt te vermijden. We denken dan bijvoorbeeld aan de volgende

alternatieven: Kunnen in de bestaande leidingstraten de leidingen niet korter bij elkaar gelegd

worden zodat hier ruimte vrij komt voor extra leidingen en mogelijk een beperkte verbreding

van deze leidingstraten ook voldoende ruimte creëert? Kan het leidingentracé voorzien worden

op de bodem van het Albertkanaal of langs het jaagpad, zodat de bundeling met bestaande

infrastructuren geoptimaliseerd wordt? Kunnen er niet meer grondstoffen vervoerd worden via

de scheepvaart?

Het Lokaal Bestuur Meerhout betreurt ook ten zeerste dat de communicatie omtrent de

mogelijkheid tot inspraak zo beperkt gebeurd is, zowel naar de gemeente toe als naar burgers

toe. Het Lokaal Bestuur Meerhout verwacht in de volgende fasen een uitgebreidere en meer

individuele communicatie-aanpak. Indien er verwachtingen zijn naar de gemeente toe qua

communicatie naar burgers, verwachten dat die snel aangegeven worden.

Meerhout wordt zeer vaak vermeld in de uitgevoerde studies, als bestaande locatie van

chemische industrie, als gebruiker van de leidingstraat. Deze industrie levert een aanzienlijke

bijdrage in tewerkstelling. Als Lokaal Bestuur moeten we kansen op groei van (chemische)

bedrijven en het aantrekken van investeringen om zo meer werknemers te kunnen aanwerven,

steeds trachten te ondersteunen. Dit beleid moet ook afgetoetst worden op andere gebieden:

ecologie, ruimtelijk en maatschappelijk draagvlak. Onze bedrijven moeten voldoende en

efficiënt hun grondstoffen toegeleverd krijgen om een waardige concurrent te zijn in de

wereldeconomie. Daarom vragen wij nogmaals en met aandrang om alternatieven voor de

ingrijpende voorgestelde tracés te (her)bekijken.

We merken dat verschillende planvoornemens zoals opgenomen in de startnota in de

voorgestelde tracés te weinig aan bod komen. Verder willen we ook nog enkele alternatieven

aangeven die de tracés minder invasief kunnen maken.

Het noordelijk tracé komt geenszins tegemoet aan het bundelingsprincipe en het principe van

zuinig ruimtegebruik. Dit tracé is met een totale lengte van 175 km (inclusief twee aftakkingen)

ca 45 km langer dan het gecombineerd tracé. Dit komt neer op een bijkomend ruimtebeslag

van ca 2 km². De vraag stelt zich of dit zuinig en duurzaam ruimtegebruik is. Dit tracé creëert

ook geen bundeling met bestaande infrastructuren en zal zo veel meer aanwezig zijn in het

landschap. Hoewel het om een ondergrondse leidingsstraat gaat is de impact op het landschap

zeer groot door de beperkingen die deze bovengronds met zich meebrengen. Binnen dit tracé

bevindt zich in onze gemeente de vallei van de Grote Nete en dus ook het habitatgebied dat

zich over deze vallei uitstrekt. Verder zuidwaarts doorkruist het tracé en de aftakking van het

tracé landbouwgebieden waar tal van bomenrijen, houtkanten en dreven als beeldbepalend

element in het landschap aanwezig zijn. Met de bepaling van het tracé lijkt geen rekening

gehouden met deze landschappelijke elementen, aangezien de leidingstraat de aanwezige

dreven op tal van plaatsen kruist. We willen als gemeente doelstellingen nastreven op vlak van

duurzaamheid, vermindering CO2 uitstoot, verhogen bomenareaal,... Het voorzien van een

leidingstraat zou kunnen passen binnen deze doelstellingen, maar enkel als de positieve

impact groter is dan de negatieve impact. Ter hoogte van Lemmenshoefstraat en

Hovesteenseweg zijn er landschappelijk, historisch en biologisch zeer waardevolle dreven

aanwezig. Deze worden liefst 6 keer doorkruist door het geplande tracé. Als het tracé alsnog

weerhouden wordt kunnen deze dreven gevrijwaard worden door het tracé iets meer oostelijk

te situeren.

Ook het zuidelijk tracé is beduidend langer en neemt bijna 1 km² meer oppervlakte in dan het

gecombineerde tracé. Binnen het grondgebied van Meerhout volgt dit tracé de Halfwegloop,

het doorsnijdt een ecologisch waardevol gebied. Het lijkt aangewezen hier meer de bestaande

infrastructuurbundels te volgen.

Het gecombineerd tracé volgt het netwerk van het ENA waardoor het kort aansluit bij de

toekomstige afnemers. Dit vergroot de kans op een optimaal gebruik van de leidingstraat naar

de toekomst toe, vermindert de nood aan extra aftakkingen en komt tegemoet aan het principe

van zuinig ruimtegebruik. Ook dit tracé doorkruist binnen het grondgebied van Meerhout een

natuurgebied. In dit gebied is ook één woning gelegen die door het tracé geïmpacteerd wordt.

Om de impact te beperken is het aangewezen om een zo maximaal mogelijke overlapping na

te streven met de 30 meter zone non- aedificandi langsheen deze autosnelweg.

In het GRUP zal de overdruk "leidingenstraat" worden aangeduid. Deze overdruk wijzigt de

onderliggende bestemming niet. Voor een aantal bestemmingen (vb landbouw) lijkt dit geen

probleem te vormen. Voor een aantal andere bestemmingen (wonen, industrie, natuur, bos,..)

is een volwaardige invulling van de huidige bestemming niet meer mogelijk. Het herstellen van

waardevolle natuur duurt tientallen jaren. Deze ontwikkeling van natuurwaarden zal op

regelmatige tijdstippen (aanleg, herstellen of vervangen van leidingen) terug ernstig verstoord

worden. Men kan zich afvragen of de middelen om de natuurwaarden in de leidingenstraat

telkens te herstellen, niet beter elders op een meer duurzame wijze geïnvesteerd kunnen

worden. Een "ruil" van gewestplanbestemmingen dient op bepaalde locaties overwogen

worden.

Verder zijn er nog een aantal onduidelijkheden of tegenstrijdigheden in de startnota die vragen

om een duidelijkere onderbouwing:

• Op blz 17 is sprake van een breedte van 70 meter. Een centraal deel voor 5 à 8

leidingen van nationaal belang met een tussenafstand van gemiddeld 5 meter, met daarnaast

een randzone voor leidingen van lokaal belang. Op blz 19 is vermeld: "er wordt gestreefd naar

een strook van 45 meter breed". Het is onduidelijk waarom in het verkennend onderzoek

uitgegaan werd van 70m en in de plandoelstelling dit gewijzigd werd naar 45 meter. Is 45m de

absolute maximumbreedte waarmee rekening gehouden moet worden? Op de plannen is de

breedte van de leidingstraat bovendien niet op schaal ingetekend waardoor het niet duidelijk is

welke percelen geïmpacteerd zijn.

• Principe van "onzichtbare leidingstraat" lijkt op plaatsen met momenteel veel

diepwortelende beplantingen onmogelijk. Het is onduidelijk hoe de integratie in het bestaande

landschap kan gebeuren in deze zones.

• Bladzijde 21: "Parallellisme met hoogspanningsleidingen. Dit schept ook de

mogelijkheid om deze ondergronds in de leidingenstrook in te brengen". Op blz. 37 is vermeld

dat er 10 tot 20 meter afstand moet gerespecteerd worden ten opzichte van een

hoogspanningsleiding met betrekking tot het voorkomen van wisselstroomcorrosie. Beiden

spreken elkaar tegen.